KIJKEN NAAR JE BLINDE VLEK

door Peter den Haring

 

Blinde vlekken zijn delen van je persoonlijkheid, die lastig te accepteren zijn. Toch vertonen ze zich, maar doorgaans in een subtiele verpakking. Mensen uit je nabije omgeving ‘zien’ dat kantje dan al wel, alleen jij zelf blijft dat specifieke gedrag ontkennen, bagatelliseren of omzeilen. Kun je je schaduw in het licht zetten, eerlijker kijken naar dat waar je bang voor bent, omdat je het lang hebt onderdrukt?

 

Blinde vlekken zitten meestal gekoppeld aan wat we ook wel schaduwkanten noemen. Meestal ontstaat zoiets in je kindertijd. Het kan gaan om een zogenaamd slechte eigenschap of onhebbelijkheid, die je ouders al vroeg opmerken en afstraffen. Je durft er niet verder mee te experimenteren, omdat je er afkeuring en beperkingen op bent gaan verwachten. Dat kan gevoelens van teleurstelling en onmacht opwekken, waar misschien ook al geen plaats voor was. Als het uiten van je boosheid evenmin kon, ben je mogelijk boos op jezelf geworden. En dat vond je eventueel ook weer stom van jezelf. Enzovoorts. Zo kan je blinde vlek te maken hebben met een verstopte reactie op allerlei gevoelens. De manier waarop jij dan als volwassene weer reageert op anderen, die zulke gekwetste of geprikkelde terreinen in jou wakker maken, kan dan weer zo indirect gaan, dat hij een blinde vlek wordt.

 

Zo’n blinde vlek hoeft niet perse een negatieve achtergrond te hebben. Het kan eveneens gaan om een zogenaamd goede eigenschap, die tussen andere ‘goede’ eigenschappen verdwaald raakt. Je blijkt bijvoorbeeld leuk te scoren met je leuke clownsoptredens maar helaas, je tekeningen vindt niemand bijzonder. Dus je raakt je tekendoos nooit meer aan… Een opvallende kwaliteit kan ook negatieve aandacht oproepen. Je ouders vinden je bijvoorbeeld een poehaprinses of een opscheppertje, ze ergeren zich aan jouw geldingsdrang maar misschien wel uit verkapte jaloezie. Dat is het krabbenemmerprincipe: de andere krabben in de emmer trekken degene die probeert te ontsnappen naar beneden. Later ga je je misschien geheel onlogisch ergeren aan kunstenaars en artiesten, die hun talent wel gehonoreerd hebben gekregen. En je snapt niets van je irritaties. Zie hier: een blinde vlek.

 

Het kan zijn dat een van jouw specifieke vaardigheid niet paste in het gezin waar je opgroeide. Je kon bijvoorbeeld eigenlijk wel een beetje gitaar spelen, maar je oudere broers waren vioolvirtuozen en toen ben jij maar iets anders gaan doen. Of je paranormale inzichten maakten de hele familie zo aan het schrikken dat jij van schrik dat hele gebied voortaan hebt afgesloten. Helaas, ooit, ergens, wil die energie zich laten kennen. En dus? Word je ziek, krijg je onverklaarbare pijnen, raak je opgefokt van dingen zonder dat je het waarom begrijpt. Onbewust wil elk weggestopt deel zichzelf namelijk toch manifesteren omdat de ziel wil uitvinden hoe het betreffende proces getransformeerd kan worden. En zolang jij het niet aandurft, blijft dat Iets een blinde vlek.

 

Een schaduwkant dringt zich niet zelden aan je op door middel van ‘ongewenste’ gedachten. Hoe erger je je laat regeren door je verkramping, perfectionisme, morele of kerkelijke dogma’s of beleefdheid, hoe meer last je van je zelfonderdrukking krijgt. Dat kan later zich tonen als dementeren, Alzheimer, reuma en vergelijkbare narigheid. Veel mensen proberen ook hun schaduw te verdoven met alcohol, drugs, roken en obsessief eten of tv kijken. Beter niks doen, passief rond hangen, dan DAT ENE VRESELIJKE te gaan doen. ‘Pleasing’, het alsmaar plezieren van de ander, is eveneens een knappe manier om niet naar je eigen behoeften, neigingen of passies te luisteren. Hee, jij vindt je eigen passie fout? O jee. En dan ga je dus een half leven besteden aan het bestrijden van zo’n vergelijkbare, hinderlijke hartstocht in je partner of kind? En je blijft doof en blind voor kritieken? Let op: je zit in de val van je eigen blinde vlek.

 

Geliefden, vrienden en familieleden zijn meestal, bewust of onbewust, hard bezig om jou je helpen met het onder ogen zien van je zelf en van je blinde vlekken. Jij kunt dat ondertussen helemaal niet leuk vinden, of zelfs haten. Hier speelt vaak het spreekwoord op: ‘Wel de splinter in andermans oog zien maar niet de balk in het eigen.” Zo kun je je dus gek ergeren aan bepaald gedrag van een van je ouders (soms van een broer of zuster, die weer lijkt op zo’n ouder). Jij gaat er later dus alles aan doen om NIET op je vader of moeder te gaan lijken. Dat gaat nog niet meevallen! Juist daardoor krijg je het namelijk moeilijk om hun gedrag beter te kunnen begrijpen en te vergeven, want jij drukt weg dat je zelf eigenlijk ook een beetje puntje, puntje (…) bent, net als Pap of Mam. Ondertussen ben je eigenlijk onnatuurlijk bezig. Je bent juist NIET jezelf omdat je krampachtig NIET een ander wilt zijn. Jammer want als je leert om je minder fel af te zetten tegen een bepaalde ouder (of confronterende partner) dan kun je vaak makkelijk ook zijn of haar ‘goede’ eigenschappen tot bloei brengen. We zouden iedereen die licht brengt in onze schaduw, die onze blinde vlek verheldert, eigenlijk diep dankbaar moeten zijn.

 

Een schaduwkant is in de horoscoop terug te vinden onder allerlei aspecten, meestal onder vierkanten, opposities en inconjuncten. Als je er op geconfronteerd wordt, reageer je meestal ongelovig (“IK?!”). Zo ken je jezelf niet, zo wil je ook niet zijn, de ander zal wel met een projectie van zichzelf bezig zijn naar jou (“Kijk jij eens eerst lekker naar jezelf!”). Pas als je vaker vergelijkbare kritiek hebt gekregen, kan er een kwartje door gaan vallen. Juist partners zijn de aangewezen spiegels. Je hebben je lief en DAAROM maken ze het jou moeilijk. Je komt er eerst achter hoe enorm je liefde kan zijn en een tijdje later hoe afgrijselijk je teleurstelling en haat. Dank je wel, gehate, geliefde ex!

 

Blinde vlekken en schaduwkanten kunnen juist kwaliteiten worden als je ze erkent, lief hebt, vergeeft en ze in de juiste context plaatst. Een zekere gierigheid (een Saturnusaspect bijvoorbeeld) kan heel nuttig en beschermend werken naast een te joviale vrijgevigheid (een Jupiter-eigenschap) of een vertroebelde kijk op de realiteit, illusiedenken of grootheidswaan (Neptunusproblemen). Twee ‘ slechte’ neigingen kunnen elkaar dus in een ongewone balans houden. Een overdreven mentaal gevoel voor Steenbok-rechtvaardigheid kan op die manier een onhandige Schorpioen-emotie als jaloezie in bedwang houden. Een conservatieve doe-maar-gewoon-dan-doe-je al-gek-genoeg houding (Maan in Stier) kan een neiging tot gevaarlijke experimenten (Uranus-afflicties) misschien net voldoende intomen. Een andere kant van de medaille is er ook: als je jezelf steeds moet dwingen (of je omgeving dwingt dat af) om een bepaalde schaduwkant (verbale of fysieke drift of andere agressie) te beheersen, dan kan daar ook uiteindelijk een instrument voor een bepaald bijschaven tot beschaving uit ontstaan.

 

SPIRITUEEL OMGAAN MET JE SCHADUW

 

Spiritueel omgaan met je schaduwkanten betekent voor mij, dat je een poging doet om je bestaan op aarde te koppelen aan bewustwording. Dat je probeert te werken en te leven vanuit het besef van een karmische opdracht. Op aarde ZIJN houdt dan in, dat alles wat je overkomt een leerervaring is. Dat alles precies goed is en bovendien dat jij het onbewust zelf zo naar je toe getrokken hebt. Soms jij als individu, soms jij als lid van een karmische groep (als Nederlander, als Hagenaar, als lid van een specifieke familie enz.) Soms heeft zo’n groep een voortrekker nodig, een pionier. Het zwarte schaap in de familie is dan essentieel voor de bewustzijnsontwikkeling van de hele clan. Een herwaardering van de schaduw en waarom di)e schaduw nou juist Hier en NU zich manifesteert, kan een transformatie van de hele groep op gang brengen.

Zelfkennis is hier de sleutel.

 

Een willekeurig orakel, denk aan de Chinese I Tjing, aan Runenstenen of Tarotkaarten, met betrekking tot je blinde vlek kan je daar veel steun in bieden. Hoe minder je het antwoord begrijpt, hoe waarschijnlijker het is dat je helemaal goed zit bij het onderzoeken van je verborgen, verdrongen kinderpijnen, ontmoedigingsfrustraties en compensatiemanoeuvres. En onthoud: wie geen pijn heeft, gaat niet naar de dokter. Pijn is fijn, bloed moet en au is goed. Dan kan de pus immers uit de wond, het zelfverwijt transformeren. En daarna kan je hart weer opengaan. Naar anderen en vooral naar jezelf. Dan heelt de acceptatie. Dan durft je zelfliefde weer te stromen. Hartelijk welkom thuis.


Peter den Haring (1946) is schrijver, journalist, astroloog en hypnotherapeut met een praktijk in Den Haag (zie www.peterdenharing.nl).